Een getal is op zichzelf iets abstracts. Ik geloof, dat we dat goed in de gaten moeten houden. Want je kunt natuurlijk wel optellen, maar er moet altijd iets achter staan en dat moet gelijkwaardig zijn. Je kunt bij wijze van spreken geen guldens bij centen optellen, ofschoon het me soms toelijkt of sommige mensen het wel eens doen, als ze een rekening opmaken. Je kunt de datum niet optellen bij de rest van de rekening; dat doen alleen obers. Zo kun je verder gaan. Als we dus over de waarde van de getallen spreken, dan moeten we in de eerste plaats begrijpen, dat we het hebben over iets abstracts. Een getal is het symbool voor iets en daar blijft het dan eigenlijk bij.
1 = niet geopenbaarde God. Er is iets, maar er is niets om het te onderscheiden.
2 = een strijdigheid van de geopenbaarde God. Er zijn twee tegendelen; erkenning is mogelijk.
3 = drie-eenheid. Er zijn er 3 en tussen die 3 is werking. Er is niet alleen erkenning mogelijk, maar er is creatie, er is wisselwerking.
4 = 4 elementen.
5 = de 4 elementen plus iets extra's. Dan grijp ik naar de oude elementindeling: 5 elementen (4 elementen plus ether, levenskracht). Dat is dus leven, men zegt meestal dierlijk leven.
6 = leven met een toegevoegd besef. Dat besef hoeft niet groot te zijn; dientengevolge dier, dierlijke mens.
7 = het heilige getal. Het getal van de sferen. Een wezen, waarin de sferen aanwezig zijn. Die sferen zijn echter helemaal niet te bepalen op 7. Dat is nog uit de heel vroege tijd, toen de mensen nadachten over de kristallijnen sferen. Er zijn de 7 sferen, dus de totale mogelijkheid is aanwezig: mens.
8 = totale materiële mogelijkheid plus nog iets. Wat kan dat zijn? Het kan de ziel zijn; de priesterlijke mens, een mens die een Godrelatie heeft, waar iets hogers bij behoort.
9 = die relatie is uitgebreid. Ze is n.l. niet alleen een erkenning, maar ook een waarneming; de hogepriester.
10 = de mens, die God kent. Hij is niet de volingewijde, maar de mens, die God kent. God spreekt tot de mens, de mens spreekt tot God. Weer een uitbreiding. Eerst is het weten, dan is het zien en dan is het a.h.w. weten, horen en zien.
11 = een herhaling: God de Ene. De mens de ene. De mens beseft God, God beseft de mens. Zij zijn de twee-eenheid waartussen de spanning bestaat.
De waarde der getallen is: het werktuig te zijn voor de mens, die boven alle getallen uit moet stijgen wil hij de werkelijkheid van zijn persoon en wezen kunnen waarmaken.
Uit de waarde der getallen van de orde der verdraagzamen
Probeer niet de golven te bedaren, maar houd je roer recht!
© 2006 SayB - www.SayB.nl - disclaimer